Geurende planten in de tuin, het hele jaar door

Met geurende planten voeg je een extra dimensie toe aan je tuin en trek je bovendien ook bijen, vlinders en andere insecten aan.

Sterk geurende planten

Met een weldoordachte keuze staat er elke maand wel iets te geuren in je tuin. Hieronder vind je alvast per maand enkele suggesties voor sterk geurende planten.

Januari: kamperfoelie en winterzoet

Mahoniestruik
Mahoniestruik

Kamperfoelie bloeit van januari tot april met zoet geurende, kleine, ivoorwitte bloempjes. Geef ‘m een plek in zon of halfschaduw en in goed doorlatende tuingrond.

Het meloenboompje of winterzoet heeft wasachtige lichtgele bloempjes met een paars hartje. Deze zijn prachtig om te zien en geuren heerlijk. Maar het vraagt wel wat geduld: het kan tot 7 jaar duren voor het meloenboompje zijn eerste bloempjes toont. Zet het op een tegen koude wind beschutte plek in zon of halfschaduw in frisse, humusrijke en kalkarme grond.

Nog andere geurende vaste planten in januari: mahoniestruik (Mahonia media ‘Winter Sun’)

Februari: sarcococca en sneeuwforsythia

Sarcococca
Sarcococca

De sneeuwforsythia (Abeliophyllum distichum) lijkt een beetje op de populaire forsythia, maar bloeit met ivoorkleurige bloemen die een delicate, kruidige geur verspreiden. Geef ‘m wel een tegen oostenwind beschutte plek zodat het uiteinde van de takken niet beschadigd wordt door uitdroging.

De sarcococca (Sarcococca hookeriana) is klein – niet hoger dan 40 cm, kleine, glanzend groene blaadjes en minuscule bloempjes – maar wat een geur! Zet één of enkele struikjes Sarcococca bij de voordeur of onder het keukenraam of maak er een laag geurend haagje mee. Het struikje doet het goed in halfschaduw en in eerder vochtige maar goed doorlatende grond.

Ook nog in februari: toverhazelaar (Hamamelis mollis) • sneeuwbal (Viburnum tinus)

Maart: peperboompje

Op het einde van de winter verschijnen op deze kleine (tot 2 m hoog) wintergroene struik rozerode bloempjes die in trosjes bij elkaar zitten en die een heerlijk zoete geur verspreiden. Geef deze geurende planten een beschutte, eerder zonnige plek in een humusrijke bodem.

En ook nog in maart: stermagnolia (Magnolia stellata) • mahoniestruik (Mahonia aguifolium) • schijnhazelaar (Corylopsis pauciflora) • maarts viooltje (Viola odorata). De schijnhazelaar is een voorbeeld van een voorjaarsbloeiende struik.

April: sering en hyacint

Hyacint in pot

Maar weinig struiken brengen zoveel lentegevoel in de tuin als de sering, en dat doet hij vooral met zijn heerlijke geur, variërend van aangenaam zoet tot pittig gekruid. De gewone sering bloeit vanaf april en gaat door tot in mei. Geen plaats voor zo’n boompje? Er bestaan ook heel mooie dwergvormen, o.a. Syringa microphylla ‘Superba’. Die kan zelfs in pot en bloeit van juni tot september op voorwaarde dat hij een plekje krijgt in volle zon.

En ook nog: flessenborstelstruik (Fothergilla major) • schijnaugurk of chocoladewingerd (Akebia quinata)hyacint

Mei: jasmijn en glansmispel

De witte enkele of dubbele bloemen van de boerenjasmijn (Philadelphus coronarius) staan in grote tuilen en geuren heerlijk. Zet de jasmijn in zon of halfschaduw in elke goed doorlatende, vruchtbare tuingrond.

Zowel de witte bloempjes (van mei tot augustus) als het wintergroene, lichtjes leerachtige blad van de glansmispel of Mexicaanse oranjebloesem (Choisya ternata) hebben een heerlijke, fijne citrusgeur. Glansmispel houdt van een plekje in volle zon of halfschaduw en vruchtbare grond.

En ook nog: lievevrouwbedstro (Galium odoratum) • damastbloem (Hesperis matronalis) • meiklokje • blauweregen (Wisteria). Goed om weten: de damastbloem is een bloem die perfect past in een kindvriendelijke tuin. Met het meiklokje daarentegen moet je wat opletten: dit bloempje zit er lief uit maar is in alle delen giftig. 

Juni: geurende rozen en lavendel

Niet alle rozen geuren, maar er zijn er genoeg die dat wel doen. Om er maar een te noemen: ‘Zéphirine Drouhin’. Ze bloeit rijkelijk en een hele zomer lang met grote, donkerroze bloemen, zelfs in lichte schaduw. Voor geurende rozen geldt: hoe meer bloemblaadjes, hoe meer geur!

De uitgesproken geur van de gewone lavendel, Lavandula angustifolia, kennen we allemaal. Zijn vorstgevoelige broertje, de kuiflavendel (Lavandula stoechas), houdt er twee geuren op na: de bloemen ruiken naar...lavendel, de bladeren naar dennen. Kweek ‘m in pot, zodat je ‘m voor de winter naar binnen kunt halen. Van Lavandula dentata geurt het blad. Alle soorten lavendel vragen veel zon en een eerder droge, goed doorlatende bodem.

En ook nog: kamperfoelie (Lonicera) • pindakaasboom (Clerodendrum bungei) • reukerwt (Lathyrus odoratus)

Rozen
Rozen

Juli: engelentrompet en Toscaanse jasmijn

De grote hangende trompetbloemen van de engelentrompet (Brugmansia) hebben een haast bedwelmende geur. Je ruikt ze dan ook van op meters afstand.  Er bestaan enkel- en dubbelbloemige cultivars, maar het is de enkelbloemige gele die het sterkst geurt. De Engelentrompet bloeit van juli tot een stuk in de nazomer. Daarna, en zeker voor de eerste vorst, moet hij naar een koele, vorstvrij ruimte worden verplaatst om te overwinteren.

Wie al in Toscane op vakantie is geweest, herkent meteen de heerlijke zoete jasmijngeur van deze klimplant uit de maagdenpalmfamilie. Van eind juni tot september is de Toscaanse jasmijn bedekt met ontelbare kleine witte geurende bloempjes. Omdat we hier niet in Toscane zijn, heeft hij wel een zonnige en vooral beschutte plek nodig.

En ook nog in juli: siertabak (Nicotiana) • koningslelie (Lilium regale) • vanillebloem (Heliotropium arborescens) • dropplant (Agastache) • violier (Matthiola incana) • muskaatsalie (Salvia sclarea)  • chocoladecosmos (Cosmos atrosanguinea ‘Chocolate’)

Augustus: vlinderstruik

Vlinderstruik

Als in de late zomer de paarse bloeipluimen van deze struik verschijnen, zijn de vlinders er niet van weg te slaan. Geef de struik een zonnige plek uit de wind in niet te vochtige tuingrond. Er bestaan ook roze en wit bloeiende cultivars van de vlinderstruik.

En ook nog: Abelia grandiflora

September: schijnhulst

De schijnhulst is een stevige, hulstachtige, wintergroene struik waaraan bij het begin van de herfst witte, sterk geurende bloempjes in bundels verschijnen. Schijnhulst geeft de voorkeur aan een plek in volle zon of halfschaduw en doet het goed in vrijwel iedere niet te natte bodem.

En ook nog: herfstsering (Caryopteris clandonenis)

Oktober: olijfwilg

Olijfwilg
Olijfwilg

De witte bloempjes die aan deze wintergroene struik verschijnen zijn piepklein, maar hun geur verraadt hun aanwezigheid. De olijfwilg (Elaeagnus x ebbingei) is een dankbare struik om een haag mee te vormen. Deze geurende planten verkiezen een plek in zon of halfschaduw in een kalkrijke, vochtige bodem.

November: viburnum

De bloei begint vaak al in november, en gaat door tot februari/maart. De bloemtrosjes op het uiteinde van de kale takken zijn roze in de knop en verbloeien naar wit. De bekendste cultivars zijn ‘Dawn’, ‘Deben’ en ‘Charles Lamont’. Zet deze geurende planten in volle zon of halfschaduw in een vochtige, goed doorlatende bodem.

December: mahoniestruik

De mahoniestruik (mahonie japonica) is een middelgrote, wintergroene heester met geveerd blad. Vanaf november tot en met februari bloeit hij met trossen van geurende, lichtgele bloemen. Hij heeft een hekel aan volle middagzon en voelt zich beter thuis in halfschaduw of gefilterd zonlicht. Wat de bodem betreft geeft hij de voorkeur aan licht zure tot neutrale, goed doorlaatbare grond.